Vandaag heb ik mijzelf in mijn woning opgesloten. Het was ook eens nodig, eigenlijk heb ik al een week of wat totaal geen behoefte aan contact met mensen. Helaas genoeg is dit geheel onmogelijk, maar na een compleet verstoorde nachtrust van kleine brokjes slaap afgewisseld met constant wakker worden trok ik wat stoute schoenen aan. Eigenlijk was ik het totaal niet van plan, maar vanochtend wist ik mijzelf ook nog een keer te verslapen. En wakker worden op een moment dat je eigenlijk in de trein naar het werk moet zitten is nogal een schok. Dat daarbij mijn totale gebrek aan een goed humeur mijn werkdag ook niet ten goede zou komen trok ik de stoute schoenen aan en belde mijn werk om een snipperdag op te nemen. Ik had geluk, het paste in de planning dat ik de gehele dag thuis zou blijven en ik liet mij weer wegzinken in een diepe, maar veel te korte slaap. Niet dat ik daar veel mee opschoot, alleen werd ik iets uitgeruster wakker dan de laatste keer wakker raken.
Tot nog toe heb ik nog geen actie ondernomen om daadwerkelijk iets te gaan doen met mijn vrije dag. Alleen het keihard draaien van Vulcano the Bear kan ik op mijn conto schrijven. Het liefst zou ik de hele dag de muziek van Vulcano the Bear draaien, maar helaas genoeg zal dat in mijn geval niet gaan. Daarvoor heb ik veel te weinig albums van ze. Slechts twee ceedees en een paar albums die ik neergeladen heb, maar dat belette mij niet om ze allemaal de revue te laten passeren. Eigenlijk is het gek, ik ken deze band al jaren. Maar dan ook werkelijk jaren en toch heb ik nooit iets van ze gekocht. Enkele nummers op verzamelelpees was alles wat ik van Vulcano the Bear bezat. Op de een of andere manier kon ik gewoon niet wennen aan de volledig dissonante en krankzinnige muziek van de heren. Je kan ze ook niet betichten van het maken van toegankelijke en lekker in het gehoor liggende muziek. In tegendeel juist. Ook kan ik het niet beschrijven als de veelal geïmproviseerde en onder invloed van geestverruimende drugs opgenomen psychedelische muziek die ik graag mag luisteren. De muziek van Vulcano the Bear heeft meer weg van een bezoek aan de creatieve therapie van een psychiatrisch ziekenhuis, alleen zonder dat we er daadwerkelijk bij zijn.
Het is ook de eerste band waarbij mijn oudste telg vroeg of ik het wilde uitzetten. Hij vond het zo raar dat hij er niet zo goed raad mee wist. Ergens vond hij het wel lijken op muziek, maar verder kon hij zijn vingers erop leggen. Liever hoorde hij het niet meer. Ik heb het maar uitgezet, want iets anders opzetten vond ik op dat moment niet nodig. Ik wil gewoon niets anders meer horen dan Vulcano the Bear en dat duurt nu al dagen. Toch moest ik lachen toen mijn telg vroeg of de muziek uitgezet kon worden. Normaal gesproken vraag je als ouder-zijnde aan je kinderen of hun muziek uit, dan wel zachter gezet mag worden maar ik weet het precies andersom te presteren. Dat belooft nog wat voor de toekomst, ik denk namelijk niet dat mijn kinderen mijn muzieksmaak kunnen overtreffen qua vreemdheid. En dat is ook een goede zaak.
Maar terug naar vandaag. Inmiddels heb ik alles wat ik van Vulcano the Bear afgespeeld, beluistert en in mijn hoofd geregistreerd. Waarom ik het nu zó geweldig vind terwijl ik er vroeger bijna niet aan kon wennen, laat staan luisteren weet ik ook niet. Dat vind ik ook niet belangrijk. Het heeft in ieder geval mijn humeur aardig opgevijzeld, al wil ik nog steeds geen contact met mensen. Ik ben ook heel blij dat ik mijzelf heerlijk kan opsluiten in mijn eigen huis. Niemand om verantwoording aan af te leggen en als ik geen zin heb om iets te doen zal ik het ook gewoon nalaten. Vandaar dat ik mij waarschijnlijk nog steeds niet aangekleed heb, maar ik ben ook niet degene die er vandaag op let. Al zal ik het toch maar gaan doen aangezien ik nog boodschappen zou gaan doen en het schijnt niet op prijs gesteld te worden als je dit in een weinig verhullend niets doet. Ik stel het nog even een half uurtje uit en dan ga ik toch de buitenwereld in. Al heb ik geen zin in menselijk contact, ik zal toch iets moeten gaan eten vanavond. Daar gaan we dan, de buitenwereld weer in!
17 augustus 2009
14 augustus 2009
Als God het leven niet meer gecreëerd heeft
Kinderen zijn ook zo lekker eerlijk. Veel eerlijker dan de meeste volwassenen, maar kinderen kunnen ook rondkomen zonder al die belachelijk beleefdheid-conventies waar wij volwassenen ons aan denken te moeten houden. Net liep ik over straat in mijn buurtje toen ik een kind hoorde roepen: "Ik dacht dat je dood was! Dat wilde ik ook, dat je dood was!" De andere reageerde heel stoïcijns: "Dat mag helemaal niet van God. God wil niet dat ik dood ben." Ik lachte in mijzelf om deze toch scherpe respons. Toen de eerste begon te roepen dat God niet bestond en dat geloven in God gewoon stom was ben ik doorgelopen. Sommige discussies ga ik mijzelf niet in mengen, sommige dingen moeten ze maar onderling uitvechten.
Toch zette het mij aan het denken. Vorige week heb ik het merendeel van de afleveringen van de Space Week bij Discovery Science. Hierbij werden mooie programma's over het heelal en al haar leuke facetten afgewisseld met zwaar interessante programma's over de theorieën rond het ontstaan van het leven. In die week heb ik weer veel opgestoken en nog meer geleerd. Dingen die ik al wist werden nog verder uitgediept en dingen die ik nog niet wist aangestipt. Zo wist ik bijvoorbeeld nog niet hoever ze al zijn met de werkelijk oorsprong van al het leven te ontrafelen. Als ik de wetenschappers op televisie moet geloven kunnen ze over een aantal jaar precies uitleggen op welke manier en met welke bouwstoffen het eerste leven tot stand gekomen is. Ik kan mij geen spannendere wetenschap bedenken dan de zoektocht naar het ontstaan van leven die ze nu aan het ondernemen zijn. In ieder geval ga ik je niet verder vermoeien met uitleg wat ze precies aan het doen zijn. Als je wilt weten hoe de wetenschap de vraag over het ontstaan van het leven aan het beantwoorden is moet je zelf maar gaan kijken.
Ik was namelijk in eerste instantie verrukt met de wetenschap dat men bijna zover is om het ontstaan van al het leven te verklaren. Eindelijk zouden we verlost kunnen raken van het hele God-idee en de hele santenkraam eromheen. Die euforie wist ik enkele dagen vol te houden tot de Space Week bij Discovery afgelopen was. Ergens halverwege was ik gaan denken aan al de mensen die wel in God geloven. Mensen zoals de ouders van de kinderen die bij mij in de buurt wonen. Zij hebben het God-idee in de hoofden van hun kinderen geplant, vandaar dat het kind zo overtuigd kon zeggen dat God iets niet zou willen.
Maar wat als uiteindelijk het ontstaan van het leven verklaard kan worden. Niet alleen verklaard maar zelfs gedupliceerd kan worden.... Tot op heden is altijd de hand van God nodig geweest om leven te creëren. Een andere verklaring kon nog niet gegeven worden omdat de wetenschap het gewoon nog niet kon verklaren. Het hele ontstaan van leven is volgens mij al sinds het begin der tijden het stokpaardje van Godsvruchtige mensen, maar wat als ook dat stokpaardje van ze afgenomen wordt? Het zal toch echt niet lang meer duren voordat alle vragen over het ontstaan van het leven verklaard zijn en we God niet meer nodig hebben. God zal dan niet meer zijn dan het woord wat het is en dan ga ik denken aan alle mensen die wel in een God geloven. Hoe moeten zij zich voelen als God opeens niet meer nodig is om de wereld te verklaren? Als de wetenschap een van de meest belangrijke vragen kan verklaren..
Dat vraag ik mij werkelijk af. Ik kan mij niet voorstellen hoe het moet zijn om je hele levensvisie in één klap te zien verdwijnen in het luchtledige. In het niets wat het in eerste instantie al was. Sterker nog, je ziet de hele levensvisie van generaties verdwijnen. Zouden ze nog iets om voor te leven hebben of blijven ze toch krampachtig vasthouden aan het idee dat hun God-idee alles gecreëerd heeft ondanks dat de wetenschap een logische en sluitende verklaring heeft. Eigenlijk zou ik dit gesprek met een gelovige moeten voeren. Die kan mij precies uitleggen wat de consequenties van deze wetenschap zijn voor zijn/haar levensvisie. Waarschijnlijk kan ik dan ook een beeld vormen van de toekomst van de wereld wanneer religie werkelijk achterhaald geworden is en God langzaam uit het straatbeeld verdwijnt. Ik vraag mij namelijk af of de gemiddelde mens hun God-idee makkelijk zullen opgeven als het ontstaan van het leven verklaard is. Eerlijk gezegd denk ik dat God dan binnen enkele jaren dezelfde status zal krijgen als kabouters, elfen en andere mytische wezens.
Ik weet in ieder geval dat op het moment dat God verdwijnt we eindelijk allemaal Pipoïst kunnen en waarschijnlijk ook zullen worden. Alleen is dat op dit moment nog toekomstmuziek, laat ze eerst maar het ontstaan van het leven gaan verklaren en ik mijzelf afvragen wat iedereen die in God geloofd dan moet gaan doen. Ik blijf het toch een beetje sneu vinden om zo iemands levensvisie als sneeuw voor de zon te zien verdwijnen. Maar gelukkig voor hen kan ik ze de lach van Pipo aanbieden, want zijn licht schijnt ook op iedereen. Voor de kinderen ook wel zo leuk...
Toch zette het mij aan het denken. Vorige week heb ik het merendeel van de afleveringen van de Space Week bij Discovery Science. Hierbij werden mooie programma's over het heelal en al haar leuke facetten afgewisseld met zwaar interessante programma's over de theorieën rond het ontstaan van het leven. In die week heb ik weer veel opgestoken en nog meer geleerd. Dingen die ik al wist werden nog verder uitgediept en dingen die ik nog niet wist aangestipt. Zo wist ik bijvoorbeeld nog niet hoever ze al zijn met de werkelijk oorsprong van al het leven te ontrafelen. Als ik de wetenschappers op televisie moet geloven kunnen ze over een aantal jaar precies uitleggen op welke manier en met welke bouwstoffen het eerste leven tot stand gekomen is. Ik kan mij geen spannendere wetenschap bedenken dan de zoektocht naar het ontstaan van leven die ze nu aan het ondernemen zijn. In ieder geval ga ik je niet verder vermoeien met uitleg wat ze precies aan het doen zijn. Als je wilt weten hoe de wetenschap de vraag over het ontstaan van het leven aan het beantwoorden is moet je zelf maar gaan kijken.
Ik was namelijk in eerste instantie verrukt met de wetenschap dat men bijna zover is om het ontstaan van al het leven te verklaren. Eindelijk zouden we verlost kunnen raken van het hele God-idee en de hele santenkraam eromheen. Die euforie wist ik enkele dagen vol te houden tot de Space Week bij Discovery afgelopen was. Ergens halverwege was ik gaan denken aan al de mensen die wel in God geloven. Mensen zoals de ouders van de kinderen die bij mij in de buurt wonen. Zij hebben het God-idee in de hoofden van hun kinderen geplant, vandaar dat het kind zo overtuigd kon zeggen dat God iets niet zou willen.
Maar wat als uiteindelijk het ontstaan van het leven verklaard kan worden. Niet alleen verklaard maar zelfs gedupliceerd kan worden.... Tot op heden is altijd de hand van God nodig geweest om leven te creëren. Een andere verklaring kon nog niet gegeven worden omdat de wetenschap het gewoon nog niet kon verklaren. Het hele ontstaan van leven is volgens mij al sinds het begin der tijden het stokpaardje van Godsvruchtige mensen, maar wat als ook dat stokpaardje van ze afgenomen wordt? Het zal toch echt niet lang meer duren voordat alle vragen over het ontstaan van het leven verklaard zijn en we God niet meer nodig hebben. God zal dan niet meer zijn dan het woord wat het is en dan ga ik denken aan alle mensen die wel in een God geloven. Hoe moeten zij zich voelen als God opeens niet meer nodig is om de wereld te verklaren? Als de wetenschap een van de meest belangrijke vragen kan verklaren..
Dat vraag ik mij werkelijk af. Ik kan mij niet voorstellen hoe het moet zijn om je hele levensvisie in één klap te zien verdwijnen in het luchtledige. In het niets wat het in eerste instantie al was. Sterker nog, je ziet de hele levensvisie van generaties verdwijnen. Zouden ze nog iets om voor te leven hebben of blijven ze toch krampachtig vasthouden aan het idee dat hun God-idee alles gecreëerd heeft ondanks dat de wetenschap een logische en sluitende verklaring heeft. Eigenlijk zou ik dit gesprek met een gelovige moeten voeren. Die kan mij precies uitleggen wat de consequenties van deze wetenschap zijn voor zijn/haar levensvisie. Waarschijnlijk kan ik dan ook een beeld vormen van de toekomst van de wereld wanneer religie werkelijk achterhaald geworden is en God langzaam uit het straatbeeld verdwijnt. Ik vraag mij namelijk af of de gemiddelde mens hun God-idee makkelijk zullen opgeven als het ontstaan van het leven verklaard is. Eerlijk gezegd denk ik dat God dan binnen enkele jaren dezelfde status zal krijgen als kabouters, elfen en andere mytische wezens.
Ik weet in ieder geval dat op het moment dat God verdwijnt we eindelijk allemaal Pipoïst kunnen en waarschijnlijk ook zullen worden. Alleen is dat op dit moment nog toekomstmuziek, laat ze eerst maar het ontstaan van het leven gaan verklaren en ik mijzelf afvragen wat iedereen die in God geloofd dan moet gaan doen. Ik blijf het toch een beetje sneu vinden om zo iemands levensvisie als sneeuw voor de zon te zien verdwijnen. Maar gelukkig voor hen kan ik ze de lach van Pipo aanbieden, want zijn licht schijnt ook op iedereen. Voor de kinderen ook wel zo leuk...
5 augustus 2009
Opvoedkundig moment
Lachen om dwergen is totaal niet netjes. Net zo min als het netjes om naar kleine mensen te gaan staan staren. Nu zijn ze meestal nogal klein uitgevallen, dus kijk je vrij makkelijk over ze heen. Hierdoor is er toch geen kind over de brug geworpen en hoeven we ons verder niet al te druk te maken, maar toch blijf ik erbij dat het staren naar kleine mensen geheel niet netjes is. Mij zal je het bijvoorbeeld nooit zien doen, al zal ik een terloops geworpen blik niet ontkennen.
Eigenlijk kwam ik vandaag tot deze conclusie toen de jongste van mijn twee telgen opeens midden op straat stopte en iemand helemaal na begon te kijken. In eerste instantie had ik niet door naar wie of wat hij zat te staren. Ik keek vanuit mijn hoge overzichtsniveau over de dingen die voor mijn voeten lagen, maar vooral verderop aan het gebeuren waren. Hierdoor zag ik de vrouw die dezelfde lengte had als mijn jongste telg geheel over het hoofd. Pas toen ik de blik van hem volgde zag ik dat hij naar een vrouw met dwerggroei stond te staren. Heel langzaam begon hij zijn pas in te houden terwijl ze langs hem (ons) liep en terwijl ze voorbij kwam draaide zijn hoofd helemaal mee. De vrouw deed net alsof ze niets zag, maar ik durfde er bijna geld op te verwedden dat ik een geërgerde blik op haar gezicht zag verschijnen. Al blijft dat laatste natuurlijk hard gissen aangezien ik de vrouw in eerste instantie geheel over het hoofd gezien had en totaal niet op haar gezicht kon letten. Toch dat ik het in een fractie van een seconde gezien te hebben. Dacht ik.
Ik gaf mijn jongste telg een speelse en lichte tik door het haar op zijn achterhoofd. "Je mag niet naar mensen staren!" vertrouwde ik hem op luide, welgesproken manier toe. Meteen keek hij weer voor zich en begon weer zijn normale wandeltempo aan te nemen. De vrouw liep verder en ergens dacht ik een gevoel van dankbaarheid en goed ouderschap toegeworpen te krijgen. Natuurlijk was dit geheel ingebeeld aangezien de vrouw inmiddels achter ons liep en ik niet de intentie had om achterom te kijken. Tenslotte moest ik het goede voorbeeld geven en straks keek ik weer over haar heen. Hoe moest dat allemaal niet overkomen. Ik stapte rustig door met mijn kleine telg aan de hand. Toch wist ik dat ik iets goeds gedaan had, iets dat bijdroeg aan de opvoeding van mijn kinderen want het is echt niet netjes om naar mensen hun "gebreken" te staren. Mijn dag was gelijk weer goed. Ik had mijn opvoedkundige moment van deze maand in één dag vervolmaakt. Dat riep om koffie en taart, alleen jammer dat ik mijzelf op dieet gezet heb anders had ik echt taart gegeten.
Eigenlijk kwam ik vandaag tot deze conclusie toen de jongste van mijn twee telgen opeens midden op straat stopte en iemand helemaal na begon te kijken. In eerste instantie had ik niet door naar wie of wat hij zat te staren. Ik keek vanuit mijn hoge overzichtsniveau over de dingen die voor mijn voeten lagen, maar vooral verderop aan het gebeuren waren. Hierdoor zag ik de vrouw die dezelfde lengte had als mijn jongste telg geheel over het hoofd. Pas toen ik de blik van hem volgde zag ik dat hij naar een vrouw met dwerggroei stond te staren. Heel langzaam begon hij zijn pas in te houden terwijl ze langs hem (ons) liep en terwijl ze voorbij kwam draaide zijn hoofd helemaal mee. De vrouw deed net alsof ze niets zag, maar ik durfde er bijna geld op te verwedden dat ik een geërgerde blik op haar gezicht zag verschijnen. Al blijft dat laatste natuurlijk hard gissen aangezien ik de vrouw in eerste instantie geheel over het hoofd gezien had en totaal niet op haar gezicht kon letten. Toch dat ik het in een fractie van een seconde gezien te hebben. Dacht ik.
Ik gaf mijn jongste telg een speelse en lichte tik door het haar op zijn achterhoofd. "Je mag niet naar mensen staren!" vertrouwde ik hem op luide, welgesproken manier toe. Meteen keek hij weer voor zich en begon weer zijn normale wandeltempo aan te nemen. De vrouw liep verder en ergens dacht ik een gevoel van dankbaarheid en goed ouderschap toegeworpen te krijgen. Natuurlijk was dit geheel ingebeeld aangezien de vrouw inmiddels achter ons liep en ik niet de intentie had om achterom te kijken. Tenslotte moest ik het goede voorbeeld geven en straks keek ik weer over haar heen. Hoe moest dat allemaal niet overkomen. Ik stapte rustig door met mijn kleine telg aan de hand. Toch wist ik dat ik iets goeds gedaan had, iets dat bijdroeg aan de opvoeding van mijn kinderen want het is echt niet netjes om naar mensen hun "gebreken" te staren. Mijn dag was gelijk weer goed. Ik had mijn opvoedkundige moment van deze maand in één dag vervolmaakt. Dat riep om koffie en taart, alleen jammer dat ik mijzelf op dieet gezet heb anders had ik echt taart gegeten.
4 augustus 2009
Twitter jij al?
Langzaam begint het ook ons kikkerlandje te veroveren, al weet nog steeds half Nederland niet wat het precies is. Ik heb het natuurlijk over het nieuwe internet fenomeen twitter. Niet dat het vreselijk nieuw is, maar aangezien het merendeel van de Nederlandse bevolking nog nooit van twitter gehoord heeft kunnen we net alsof doen. We laten gewoon iedereen denken dat het iets nieuws is. Dat de twitter-website reeds in 2006 het levenslicht zag laten we gewoon buiten beschouwing. Het is ook totaal niet belangrijk. Wat wel belangrijk is dat Nederland langzaam bezig is om twitter te ontdekken.
Mocht je nog steeds niet weten wat twitter, twitteren of tweets zijn druk dan hier voor meer informatie. Intussen ga ik weer verder als je het even rustig doorleest om je geheugen op te frissen.
Nederland blogt al een flink aantal jaren. De dag dat het eerste echte Nederlandse weblog het levenslicht zag kan ik mij niet eens meer heugen en waarschijnlijk zal er iemand nog eerder geweest zijn. Jaartallen doen er niet zoveel toe. Waar het wel om gaat is dat iedereen er maar lustig op los aan het bloggen was. Hele volzinnen over de geweldigheid van de barbecue van onlangs, het feest waar men geweest is, de kleding die gekocht dient te worden of wie deze keer weer op bezoek kwam. Totaal onbelangrijke informatie over het leven wordt op het internet gezet om door Jan en Alleman gelezen te kunnen worden. Meestal zijn dit soort blogs ook niet meer dan drie zinnen lang en vaak nog slecht geschreven ook. Niet dat het iets uitmaakt, de schrijvers gaan wel door met schrijven en de lezers blijven lezen. We zijn gewoon nieuwsgierig wat kennissen, bekenden en andere mensen in hún dagelijkse leven uitvoeren. Ik ben daar echt geen uitzondering in. Laat die blogs maar doorkomen!
Maar nu is er twitter. Eigenlijk de ideale plaats om in één of twee zinnen je bezigheden aan de hele wereld kenbaar te maken en dat gebeurt ook. Uiteraard heb ik een eigen twitter-account en heb ik inmiddels ook een aardig lijstje van mensen opgebouwd die ik aan het "volgen" ben. Toch gebruik ik twitter niet waarvoor het bedoeld is. Ik ga niet mijn dagelijkse bezigheden neerschrijven, dat lukt mij namelijk niet. Op de een of andere manier weet ik twitter te gebruiken om zinnen die totaal niet in mijn hoofd zwerven aan het net toe te vertrouwen. Waarom ik het doe weet ik niet, maar inmiddels is het plan al gerezen om uiteindelijk al deze tweets te bundelen in een boek en gewoon uit te geven. Waarom niet vraag ik je!
Bekende Nederlanders twitteren overigens ook. Ik ben al verschillende mensen die ik van naam, faam en de televisie ken tegengekomen. Sommige heb ik zelfs een tijdje gevolgd of volg ik nog steeds. Zij geven ook een kijkje in hun dagelijkse bezigheden en inmiddels is er zelfs een site geboren die alle tweets van bekende Nederlanders verzameld. Sterker nog, gezien de huidige ontwikkelingen in de populairiteit van twitter in Nederland is er ook een de Bekende Nederlander Twitter-gids. Hier kan je alle bekende (Nederlandse) mensen vinden gerangschikt op populariteit (de hoeveelheid volgers dus). Nu moet ik wel zeggen dat "bekende Nederlander" een rekbaar begrip is. Het merendeel van de mensen die op beide sites staan heb ik nog nooit van gehoord of zijn alleen bekend in bepaalde kringen/doelgroepen. De echt bekende mensen hebben het twitteren nog niet ontdekt of hebben gewoon geen tijd voor die onzin.
Ik kan je wel vertellen dat als je een beetje een lichte internet verslaving hebt en geen genoeg kan krijgen van profielsites bezoeken, twitter een goed tijdverdrijf is. In ieder geval is het uitstekend om als werk-ontwijkend gedrag te gebruiken en je kan al je dagelijkse activiteiten met iedereen delen. Daarbij ben je nu nog net de hype voor, voor je het weet zit iedereen overal te twitteren.
Mocht je nog steeds niet weten wat twitter, twitteren of tweets zijn druk dan hier voor meer informatie. Intussen ga ik weer verder als je het even rustig doorleest om je geheugen op te frissen.
Nederland blogt al een flink aantal jaren. De dag dat het eerste echte Nederlandse weblog het levenslicht zag kan ik mij niet eens meer heugen en waarschijnlijk zal er iemand nog eerder geweest zijn. Jaartallen doen er niet zoveel toe. Waar het wel om gaat is dat iedereen er maar lustig op los aan het bloggen was. Hele volzinnen over de geweldigheid van de barbecue van onlangs, het feest waar men geweest is, de kleding die gekocht dient te worden of wie deze keer weer op bezoek kwam. Totaal onbelangrijke informatie over het leven wordt op het internet gezet om door Jan en Alleman gelezen te kunnen worden. Meestal zijn dit soort blogs ook niet meer dan drie zinnen lang en vaak nog slecht geschreven ook. Niet dat het iets uitmaakt, de schrijvers gaan wel door met schrijven en de lezers blijven lezen. We zijn gewoon nieuwsgierig wat kennissen, bekenden en andere mensen in hún dagelijkse leven uitvoeren. Ik ben daar echt geen uitzondering in. Laat die blogs maar doorkomen!
Maar nu is er twitter. Eigenlijk de ideale plaats om in één of twee zinnen je bezigheden aan de hele wereld kenbaar te maken en dat gebeurt ook. Uiteraard heb ik een eigen twitter-account en heb ik inmiddels ook een aardig lijstje van mensen opgebouwd die ik aan het "volgen" ben. Toch gebruik ik twitter niet waarvoor het bedoeld is. Ik ga niet mijn dagelijkse bezigheden neerschrijven, dat lukt mij namelijk niet. Op de een of andere manier weet ik twitter te gebruiken om zinnen die totaal niet in mijn hoofd zwerven aan het net toe te vertrouwen. Waarom ik het doe weet ik niet, maar inmiddels is het plan al gerezen om uiteindelijk al deze tweets te bundelen in een boek en gewoon uit te geven. Waarom niet vraag ik je!
Bekende Nederlanders twitteren overigens ook. Ik ben al verschillende mensen die ik van naam, faam en de televisie ken tegengekomen. Sommige heb ik zelfs een tijdje gevolgd of volg ik nog steeds. Zij geven ook een kijkje in hun dagelijkse bezigheden en inmiddels is er zelfs een site geboren die alle tweets van bekende Nederlanders verzameld. Sterker nog, gezien de huidige ontwikkelingen in de populairiteit van twitter in Nederland is er ook een de Bekende Nederlander Twitter-gids. Hier kan je alle bekende (Nederlandse) mensen vinden gerangschikt op populariteit (de hoeveelheid volgers dus). Nu moet ik wel zeggen dat "bekende Nederlander" een rekbaar begrip is. Het merendeel van de mensen die op beide sites staan heb ik nog nooit van gehoord of zijn alleen bekend in bepaalde kringen/doelgroepen. De echt bekende mensen hebben het twitteren nog niet ontdekt of hebben gewoon geen tijd voor die onzin.
Ik kan je wel vertellen dat als je een beetje een lichte internet verslaving hebt en geen genoeg kan krijgen van profielsites bezoeken, twitter een goed tijdverdrijf is. In ieder geval is het uitstekend om als werk-ontwijkend gedrag te gebruiken en je kan al je dagelijkse activiteiten met iedereen delen. Daarbij ben je nu nog net de hype voor, voor je het weet zit iedereen overal te twitteren.
3 augustus 2009
De uiterlijkheden van anderen
Op het moment dat ik de dag als verloren wilde gaan beschouwen kwam hij binnenlopen. "Wat doe jij hier!" vroeg ik oprecht nieuwsgierig. Ik had hem al dagen niet meer gesproken en ons laatste samen-zijn was ook niet echt florissant verlopen. Zijn laatste woorden waren niet voor niets "Ik kom hier niet meer terug!" geweest en nu stond hij weer in mijn kamer. "Ik heb gordelroos" antwoordde hij zonder te blikken of te blozen. Dat was niet het antwoord wat ik verwacht had. Eigenlijk weet ik niet welk antwoord ik wel verwacht had, maar een opmerking over het hebben van gordelroos was nog niet in mij opgekomen. Even stond ik met een mond vol tanden. Blijkbaar viel het hem op, hij wees naar de foto's die ik aan het bekijken was. "Hebben die mensen geen spiegel thuis? Of in ieder geval iemand die tegen ze zegt dat ze er niet uitzien?"
Ik keek naar de foto's. Gewoon plaatjes van mensen die ik kende of vroeger gekend heb en momenteel nog via profielsites probeerde te volgen. Eigenlijk volledig nutteloos en zonde van mijn tijd, maar het is een uitstekende manier om niet verder te gaan met de dingen die ik zou gaan doen. Tenslotte was ik deze dag al als verloren gaan beschouwen doordat ik weer een hele dag gesurfd had over de vele profielsites die ik beheer (of denk te beheren). "Wat is er mis mee dan?" vroeg ik met een half oog op de foto's in beeld. Hij wees naar een willekeurige foto. "Dat zie je zelf toch ook wel! Een vrouw met haar lichaamsbouw moet zo'n kleed helemaal niet aantrekken. Ik bedoel... het is een schoon kleedje, maar bij haar staat het als een hobbezak. Juist doordat ze de bouw er niet voor heeft!" Ik moest hem gelijk geven en eerlijk gezegd had ik het allang gedaan. Maar ja... ik kende haar. Dan ga je dat niet zeggen, dan blijf je netjes en vriendelijk. Je maakt een complimentje en hoopt dat ze de uitdrukking op je gezicht niet gezien heeft. Al hoef ik me vandaag daar geen zorgen om te maken. Het was maar een foto. Daarbij was ze maar een vage kennis.
"Mag ik de rest ook zien?" vroeg hij poeslief. Op de een of andere manier was hij helemaal vergeten wat er tussen ons enkele dagen geleden was voorgevallen. Ik begon er ook niet over aangezien ik werkelijk geen zin had in een herhaling van de gebeurtenis. Om hem de gelegenheid te geven de rest ook te bekijken maakte ik plaats op mijn stoel. "Ga je gang!" gaf ik als antwoord en duwde mijn bureaustoel in zijn richting. Hij ging zitten en begon met de muis door de foto's te klikken. We lachten om sommige mensen en hun volledig de plank misslaande uiterlijkheden. Ik kon er niets aan doen, maar hij had helemaal gelijk over dat sommige mensen werkelijk geen idee hebben hoe ze er eigenlijk uitzien. We lachten terwijl we door de collectie heengingen. "Wil je koffie?" vroeg ik hem halverwege. Hij schudde zijn hoofd. Geen koffie vandaag, hij wilde proberen te stoppen met te veel cafeïne drinken.
Hij klikte verder door de foto's en de profielsites. Na vijf minuten klikken kwam hij op de profielsite van een vriendin van mij. Ik had haar al jaren niet meer gezien, maar via het internet wisten we het contact warm te houden. Dat ze aan de andere kant van het land woont maakte elkaar bezoeken ook moeilijker en de feestjes waar we elkaar vaak zagen waren jaren geleden opgehouden. "Zie je haar nog wel eens?" vroeg hij wijzend naar het scherm. Ik knikte ontkennend. "Misschien maar goed ook" ging hij verder "ze heeft toch een vriend inmiddels.." Ik keek hem aan. Wat was dat nu weer voor een vraag? "Ik bedoel ze ziet er werkelijk niet uit in die kleding. En dat haar? Welk normaal-denkend mens laat zijn vriendin er zó bijlopen?" Ik haalde mijn schouders op. Het gesprek begon een beetje een nare kant op te gaan. Ze was tenslotte een goede vriendin van mij, al moest ik hem stiekem een beetje gelijk geven. Ze zag er tegenwoordig werkelijk niet meer uit. En de jurk waarmee ze op de foto stond was ronduit lelijk te noemen. Toch had ik een "leuke en positieve" reactie bij haar achtergelaten. Deze zat hij net te lezen. "Je ziet er goed uit! Prachtige jurk, ben jaloers" had ik eronder gezet. Hij lachte: "Dat meen je toch niet!" Ik bloosde.
"Ach... op zich doe je precies hetzelfde als wat iedereen doet. Je wil gewoon iemands gevoelens niet kwetsen en aangezien ze met die kleding op de foto staat zal ze er wel trots op zijn." Hij knikte wijs, alsof hij de hele wereld aan het doorzien was. "De waarheid zeggen is iets wat wij mensen gewoon niet snel zullen doen" Dat moest ik hem nageven, daar had hij gelijk in. Maar hij was nog niet klaar. "Als ik nu tegen jou zeg dat door het shirt wat je draagt het net is alsof je een ontzettende buik hebt zal je dat niet leuk vinden. Waarschijnlijk zal je het shirt nooit meer dragen" Hij keek mij aan. "Waar of niet?" Verongelijkt keek ik naar mijn shirt. Had hij werkelijk gelijk? Maakte dit shirt mijn buik dikker dan deze al was? De twijfel was gezaaid en ik kon niet anders dan hem gelijk gegeven. Hij knikte. "Maar toch moet je als je echt vrienden van elkaar ben of zelfs geliefden ben de waarheid durven zeggen. Iemand durven wijzen op hoe de kleding die ze dragen bij hen staat en hoe ze erin overkomen." Hij zou het doen, tenminste dat wilde hij mij doen geloven. Ik wou dat de dag over was, inmiddels deze werkelijk als verloren te beschouwen. Zelfs het lachen om anderen (bekend of niet) kon dat niet meer veranderen.
Ik keek naar de foto's. Gewoon plaatjes van mensen die ik kende of vroeger gekend heb en momenteel nog via profielsites probeerde te volgen. Eigenlijk volledig nutteloos en zonde van mijn tijd, maar het is een uitstekende manier om niet verder te gaan met de dingen die ik zou gaan doen. Tenslotte was ik deze dag al als verloren gaan beschouwen doordat ik weer een hele dag gesurfd had over de vele profielsites die ik beheer (of denk te beheren). "Wat is er mis mee dan?" vroeg ik met een half oog op de foto's in beeld. Hij wees naar een willekeurige foto. "Dat zie je zelf toch ook wel! Een vrouw met haar lichaamsbouw moet zo'n kleed helemaal niet aantrekken. Ik bedoel... het is een schoon kleedje, maar bij haar staat het als een hobbezak. Juist doordat ze de bouw er niet voor heeft!" Ik moest hem gelijk geven en eerlijk gezegd had ik het allang gedaan. Maar ja... ik kende haar. Dan ga je dat niet zeggen, dan blijf je netjes en vriendelijk. Je maakt een complimentje en hoopt dat ze de uitdrukking op je gezicht niet gezien heeft. Al hoef ik me vandaag daar geen zorgen om te maken. Het was maar een foto. Daarbij was ze maar een vage kennis.
"Mag ik de rest ook zien?" vroeg hij poeslief. Op de een of andere manier was hij helemaal vergeten wat er tussen ons enkele dagen geleden was voorgevallen. Ik begon er ook niet over aangezien ik werkelijk geen zin had in een herhaling van de gebeurtenis. Om hem de gelegenheid te geven de rest ook te bekijken maakte ik plaats op mijn stoel. "Ga je gang!" gaf ik als antwoord en duwde mijn bureaustoel in zijn richting. Hij ging zitten en begon met de muis door de foto's te klikken. We lachten om sommige mensen en hun volledig de plank misslaande uiterlijkheden. Ik kon er niets aan doen, maar hij had helemaal gelijk over dat sommige mensen werkelijk geen idee hebben hoe ze er eigenlijk uitzien. We lachten terwijl we door de collectie heengingen. "Wil je koffie?" vroeg ik hem halverwege. Hij schudde zijn hoofd. Geen koffie vandaag, hij wilde proberen te stoppen met te veel cafeïne drinken.
Hij klikte verder door de foto's en de profielsites. Na vijf minuten klikken kwam hij op de profielsite van een vriendin van mij. Ik had haar al jaren niet meer gezien, maar via het internet wisten we het contact warm te houden. Dat ze aan de andere kant van het land woont maakte elkaar bezoeken ook moeilijker en de feestjes waar we elkaar vaak zagen waren jaren geleden opgehouden. "Zie je haar nog wel eens?" vroeg hij wijzend naar het scherm. Ik knikte ontkennend. "Misschien maar goed ook" ging hij verder "ze heeft toch een vriend inmiddels.." Ik keek hem aan. Wat was dat nu weer voor een vraag? "Ik bedoel ze ziet er werkelijk niet uit in die kleding. En dat haar? Welk normaal-denkend mens laat zijn vriendin er zó bijlopen?" Ik haalde mijn schouders op. Het gesprek begon een beetje een nare kant op te gaan. Ze was tenslotte een goede vriendin van mij, al moest ik hem stiekem een beetje gelijk geven. Ze zag er tegenwoordig werkelijk niet meer uit. En de jurk waarmee ze op de foto stond was ronduit lelijk te noemen. Toch had ik een "leuke en positieve" reactie bij haar achtergelaten. Deze zat hij net te lezen. "Je ziet er goed uit! Prachtige jurk, ben jaloers" had ik eronder gezet. Hij lachte: "Dat meen je toch niet!" Ik bloosde.
"Ach... op zich doe je precies hetzelfde als wat iedereen doet. Je wil gewoon iemands gevoelens niet kwetsen en aangezien ze met die kleding op de foto staat zal ze er wel trots op zijn." Hij knikte wijs, alsof hij de hele wereld aan het doorzien was. "De waarheid zeggen is iets wat wij mensen gewoon niet snel zullen doen" Dat moest ik hem nageven, daar had hij gelijk in. Maar hij was nog niet klaar. "Als ik nu tegen jou zeg dat door het shirt wat je draagt het net is alsof je een ontzettende buik hebt zal je dat niet leuk vinden. Waarschijnlijk zal je het shirt nooit meer dragen" Hij keek mij aan. "Waar of niet?" Verongelijkt keek ik naar mijn shirt. Had hij werkelijk gelijk? Maakte dit shirt mijn buik dikker dan deze al was? De twijfel was gezaaid en ik kon niet anders dan hem gelijk gegeven. Hij knikte. "Maar toch moet je als je echt vrienden van elkaar ben of zelfs geliefden ben de waarheid durven zeggen. Iemand durven wijzen op hoe de kleding die ze dragen bij hen staat en hoe ze erin overkomen." Hij zou het doen, tenminste dat wilde hij mij doen geloven. Ik wou dat de dag over was, inmiddels deze werkelijk als verloren te beschouwen. Zelfs het lachen om anderen (bekend of niet) kon dat niet meer veranderen.
17 juli 2009
Simon Vinkenoog, de grootste dichter van Nederland
Mag je treuren om het heengaan van iemand die je eigenlijk helemaal niet kent? Vorige week stierf Simon Vinkenoog, in mijn ogen de grootste dichter van Nederland en mijn hart huilde. Nooit meer zou ik hem zijn gedichten horen voordragen, nooit meer zou ik een glimp van hem kunnen opvangen op de televisie of andere heimelijke plaatsen. Het leven was goed voor hem geweest, maar zoals alles eens moet eindigen was het met de levensgang van Simon Vinkenoog niet anders. Hij is niet meer. Morgen, achttien juli wordt hij begraven op een van de mooiste begraafplaatsen van Amsterdam. Niet dat ik ooit op de St. Barbara begraafplaats geweest ben, maar als Simon Vinkenoog er begraven gaat worden kan het niet anders dan een idyllisch stukje land zijn. Ik weet in ieder geval dat de omgeving daar wel heel schoon en natuurgerept is. Dan moet het met de begraafplaats zelf ook wel goed zitten.
Het is gek, de laatste tijd was ik weer veel bezig met de werken van Simon Vinkenoog. Niet dat ik ook maar één boek van de goede man bezit, maar pasgeleden vond ik mijzelf weer in verschillende winkels om boeken van hem vast te houden. Tot op heden heb ik ze nog alleen maar vastgehouden met de intentie om ze te kopen. De boeken zouden mooi staan in mijn kast, maar zijn gedichten zouden nog mooier zijn om op te nemen in mijn gedachten. Tenslotte hoef ik geen boeken te bezitten om ze gelezen te hebben. Verschillende boeken heb ik verslonden Simon Vinkenoog. Zijn woorden waren als pleisters op mijn ziel. Soms werden ze er hartgrondig afgetrokken, zoals je met pleisters hoort te doen wanneer ze hun taak volbracht hebben. De haartjes groeien altijd weer terug. Maar toch... de enige keer dat ik Simon Vinkenoog gedichten heb zien en horen voordragen heeft zo'n indruk op mij gemaakt dat ik hem nooit meer vergeten ben. Nooit heb ik een dichter met zoveel vuur en verve teksten horen voordragen. Als ik al niet verkocht was dan was ik op dat moment onmiddellijk fan geworden.
Dat moment was zeker al vijftien jaar geleden en ik kan het mij nog steeds herinneren als de dag van gisteren. Hoe Simon Vinkenoog daar op dat kleine podium stond midden in het park terwijl we omringt waren door onwetende jongeren en andere geïnteresseerden. In de verte klonken de veel te luide geluiden van een optredende band. Het was duidelijk dat Simon Vinkenoog last van het achtergrondgeluid had, maar het vuur van zijn werken deed hem branden met een vlam die alles overtrof. Zijn stemgeluid hief hij tot luide hoogten en iedereen die het maar wilde horen kon baden in zijn woorden. Een half uur later was hij klaar. Klaar met voordragen en zich ergeren aan de muziek in de verte. Het was precies genoeg, genoeg om iedereen in vervoering en verwondering achter te laten. De rest van de avond is dan ook in een brij van indrukken en gedachten voorbij gegaan. Niets maakte nog indruk, niets was nog belangrijk.
Toch kocht ik geen boeken van de grootste dichter van Nederland. Dat was iets wat ik ooit nog wel eens zou gaan doen. Als ik een boek van hem zag zou ik het wel aanschaffen, maar voorlopig kon ik nog wel zonder. Dat is altijd mijn gedachte geweest. Simon Vinkenoog leefde toch nog... Ik kon nog altijd een boek van hem kopen en zijn woorden van de bladzijde verslinden. Hij leefde toch nog... maar nu is hij gestorven. Hij heeft zijn laatste reis ondergaan of is de reis net begonnen, maar hij zal niet meer reizen met de levenden. Simon Vinkenoog is dood en mijn hart weent.
Ergens zou ik wel naar zijn begrafenis willen gaan. Om hem de laatste eer te bewijzen die ik hem kan geven. Om mijn tranen te laten op de mooiste dodentuin van Amsterdam, maar ik zal er vanaf zien. Ik kende de hele man niet. Alleen zijn gedachten welke hij aan het papier en de lucht toevertrouwde waren mij bekend. Een fan wil ik mijzelf ook niet noemen. Simon Vinkenoog was een figuur uit mijn verleden, heden en misschien zelfs toekomst. Ergens is hij een voorbeeld en een vaderfiguur op afstand geweest, al is dat laatste wel heel veel om op zijn bord te schuiven. Ik zal hem dan ook eren op dezelfde manier als ik al deed, op afstand en zonder er veel aan te doen. Voor mij is een groot man heengegaan en hij zal altijd in mijn gedachten zijn. De enige, echte herinnering die ik aan Simon Vinkenoog heb zal ik koesteren. Ik zal het dagelijks bij mij nemen en vertellen aan mijn toekomstige kleinkinderen. Het heeft mij gevormd op meer manier dan we ooit zullen toegeven en toch heeft het nooit echt invloed gehad. Nu is hij heengegaan en blijft het bij die ene herinnering.
Gelukkig heb ik zijn stem nog op een elpee staan. Een gedicht voorgedragen in een tijd waarin ik nog niet eens kon lezen. Laat staan dat ik toen al van Simon Vinkenoog gehoord had, maar het is wel een van de meest veelzeggende teksten geworden die ik ooit gehoord heb. Een tekst die zeer goed past bij het heengaan van de grote man zelf. Woorden die ik graag herhaal en her-beluister. Ik hoop dat ik ze nog lang mag horen en speciaal voor de gelegenheid zal ik ze hier herhalen. Hier en niet morgen op het mooie stuk gras waarin Simon Vinkenoog ter aarde gesteld zal worden. Spreek de woorden hardop uit als je ze leest. Hardop en denkend aan de grootste dichter van Nederland. Ik hoor hem nu weer zeggen:
"Nee tegen de Sikkeneurigheid!
Nee tegen de Sikkeneurigheid!
Nee tegen de Sikkeneurigheid!
Nee tegen de Sikkeneurigheid!
Simon Vinkenoog - 18 juli 1928 - 12 juli 2009
Het is gek, de laatste tijd was ik weer veel bezig met de werken van Simon Vinkenoog. Niet dat ik ook maar één boek van de goede man bezit, maar pasgeleden vond ik mijzelf weer in verschillende winkels om boeken van hem vast te houden. Tot op heden heb ik ze nog alleen maar vastgehouden met de intentie om ze te kopen. De boeken zouden mooi staan in mijn kast, maar zijn gedichten zouden nog mooier zijn om op te nemen in mijn gedachten. Tenslotte hoef ik geen boeken te bezitten om ze gelezen te hebben. Verschillende boeken heb ik verslonden Simon Vinkenoog. Zijn woorden waren als pleisters op mijn ziel. Soms werden ze er hartgrondig afgetrokken, zoals je met pleisters hoort te doen wanneer ze hun taak volbracht hebben. De haartjes groeien altijd weer terug. Maar toch... de enige keer dat ik Simon Vinkenoog gedichten heb zien en horen voordragen heeft zo'n indruk op mij gemaakt dat ik hem nooit meer vergeten ben. Nooit heb ik een dichter met zoveel vuur en verve teksten horen voordragen. Als ik al niet verkocht was dan was ik op dat moment onmiddellijk fan geworden.
Dat moment was zeker al vijftien jaar geleden en ik kan het mij nog steeds herinneren als de dag van gisteren. Hoe Simon Vinkenoog daar op dat kleine podium stond midden in het park terwijl we omringt waren door onwetende jongeren en andere geïnteresseerden. In de verte klonken de veel te luide geluiden van een optredende band. Het was duidelijk dat Simon Vinkenoog last van het achtergrondgeluid had, maar het vuur van zijn werken deed hem branden met een vlam die alles overtrof. Zijn stemgeluid hief hij tot luide hoogten en iedereen die het maar wilde horen kon baden in zijn woorden. Een half uur later was hij klaar. Klaar met voordragen en zich ergeren aan de muziek in de verte. Het was precies genoeg, genoeg om iedereen in vervoering en verwondering achter te laten. De rest van de avond is dan ook in een brij van indrukken en gedachten voorbij gegaan. Niets maakte nog indruk, niets was nog belangrijk.
Toch kocht ik geen boeken van de grootste dichter van Nederland. Dat was iets wat ik ooit nog wel eens zou gaan doen. Als ik een boek van hem zag zou ik het wel aanschaffen, maar voorlopig kon ik nog wel zonder. Dat is altijd mijn gedachte geweest. Simon Vinkenoog leefde toch nog... Ik kon nog altijd een boek van hem kopen en zijn woorden van de bladzijde verslinden. Hij leefde toch nog... maar nu is hij gestorven. Hij heeft zijn laatste reis ondergaan of is de reis net begonnen, maar hij zal niet meer reizen met de levenden. Simon Vinkenoog is dood en mijn hart weent.
Ergens zou ik wel naar zijn begrafenis willen gaan. Om hem de laatste eer te bewijzen die ik hem kan geven. Om mijn tranen te laten op de mooiste dodentuin van Amsterdam, maar ik zal er vanaf zien. Ik kende de hele man niet. Alleen zijn gedachten welke hij aan het papier en de lucht toevertrouwde waren mij bekend. Een fan wil ik mijzelf ook niet noemen. Simon Vinkenoog was een figuur uit mijn verleden, heden en misschien zelfs toekomst. Ergens is hij een voorbeeld en een vaderfiguur op afstand geweest, al is dat laatste wel heel veel om op zijn bord te schuiven. Ik zal hem dan ook eren op dezelfde manier als ik al deed, op afstand en zonder er veel aan te doen. Voor mij is een groot man heengegaan en hij zal altijd in mijn gedachten zijn. De enige, echte herinnering die ik aan Simon Vinkenoog heb zal ik koesteren. Ik zal het dagelijks bij mij nemen en vertellen aan mijn toekomstige kleinkinderen. Het heeft mij gevormd op meer manier dan we ooit zullen toegeven en toch heeft het nooit echt invloed gehad. Nu is hij heengegaan en blijft het bij die ene herinnering.
Gelukkig heb ik zijn stem nog op een elpee staan. Een gedicht voorgedragen in een tijd waarin ik nog niet eens kon lezen. Laat staan dat ik toen al van Simon Vinkenoog gehoord had, maar het is wel een van de meest veelzeggende teksten geworden die ik ooit gehoord heb. Een tekst die zeer goed past bij het heengaan van de grote man zelf. Woorden die ik graag herhaal en her-beluister. Ik hoop dat ik ze nog lang mag horen en speciaal voor de gelegenheid zal ik ze hier herhalen. Hier en niet morgen op het mooie stuk gras waarin Simon Vinkenoog ter aarde gesteld zal worden. Spreek de woorden hardop uit als je ze leest. Hardop en denkend aan de grootste dichter van Nederland. Ik hoor hem nu weer zeggen:
Nee tegen de Sikkeneurigheid!
Nee tegen de Sikkeneurigheid!
Nee tegen de Sikkeneurigheid!
Simon Vinkenoog - 18 juli 1928 - 12 juli 2009
14 juni 2009
De teloorgangen van symbolen
Het symbool is bezoedeld. Waar het vroeger een uiting van mysticisme was is het nu geworden tot een mode-uiting. Een gegeven dat ergens interessant staat maar ook niet meer dan dat is. Ergens heb ik ook nog het idee dat het mijn schuld is. Ik heb er veel te veel mee lopen dwepen en rond mee staan strooien alsof het snoep was. Er was geen maat meer en nu is het bezoedeld geraakt. De ware betekenis begint langzaam verloren te raken, al zijn er inmiddels massa's wikipedia-pagina's aan gewijd. Zelfs een film is er over gemaakt en het zal waarschijnlijk niet de laatste zijn. Wanneer zoiets eenmaal de oppervlakte heeft bereikt is het moeilijk om het nog terug te stoppen. Al hoop ik nog steeds dat het niet meer dan een modeverschijnsel zal blijken...
Uiteraard weet ik dat dit ijdele hoop is. Het verleden heeft al verschillende voorbeelden opgeroepen, waarbij het meest recente voorbeeld Madonna's mystisch gehannes met de Kabbala een van de meest treffende is. Vroeger was de Kabbala een levensweg voor ingewijden, kennis waar werkelijk niemand bij kon komen en niemand iets van af wist behalve als je werkelijk geïnteresseerd was. Maar toen kwam Madonna met haar interesseboog en schoot een gat in de werkelijkheid van de Kabbala. Nu is het niet meer dan een interessante houding die jezelf kan aanmeten. Een verzameling feiten opgedoekt uit new-age achtige wetenswaardigheden en vervormt tot een schijnwerkelijkheid van de ware Kabbala. Maar zelfs een schijnwerkelijkheid kan de daadwerkelijke kennis verdringen. Als deze onzin zich verder blijft ontwikkelen zal er van de Kabbala niet meer dan een schim overblijven. Zoals de werkelijke achtergrond van het bezoedelde symbool ook langzaam aan het verdwijnen is in onzin en volledig gebrek aan werkelijke kennis.
En nu niet gaan denken dat dit niet kan gebeuren. Het werkelijke christendom heeft hetzelfde lot ondergaan. Waar de oorsprong gebaseerd is op een gnostische zoektocht naar de waarheid achter het begrip God is het verworden tot een star geloof in vastgelegde regels. De zoektocht naar God is geheel opgegeven om plaats te maken in een blind geloof in de voorgangers en de woorden die zij uitspreken. Woorden die gebaseerd zijn op dezelfde leugens die hun voorvaderen al spraken om de gelovigen onder hun macht te krijgen, maar dat terzijde. De werkelijke ziel van het christendom verdween omdat men de betekenissen vergat. Men wist niet meer wat het werkelijk doel was en waarom symbolen die betekenis hadden. Zelfs het alom bekende symbool van het kruis heeft zijn werkelijk glans verloren doordat het verkeerd geïnterpreteerd wordt, maar we kunnen niet meer terug. Er is geen weg meer terug. Voor het christendom is het al té lang geleden om nog terug te kunnen. We zijn al te veel vergeten.
Dat lot mag het symbool en de betekenissen erachter niet ondergaan. Bij deze betuig ik mijn spijt voor het vele dwepen dat ik er zelf mee deed. Nu iedereen er mee loopt te dwepen zie ik pas in wat ik fout doe, al moest ik natuurlijk wel eerst erop gewezen worden. Maar gelukkig ben ik er op tijd achter gekomen en niet wanneer het al te laat is. Het is nu zaak om ondergronds te gaan, het symbool verbergen in symbolen. Zoals de vrijmetselaars hun kennis en symbolen verdrinken in vage aan- en verwijzingen. Alleen iemand die werkelijk geïnteresseerd is zal het rookgordijn doorzien om kennis te nemen van wat er achter ligt. Ik begrijp nu ook waarom ze het gedaan hebben. Sommige zaken zijn niet voor iedereen, soms is er kennis die niet geschikt is voor de schapen van mensen. Alleen iemand die er daadwerkelijk naar op zoek is hoort te weten wat er allemaal bestaat en leeft. Ik ben blij dat ik deze kennis op tijd ingezien heb. Nu kan ik nog pogingen gaan ondernemen om het symbool en haar werkelijke betekenis te beschermen door te verbergen. Dit is dan ook het laatste wat ik erover zeg.
Uiteraard weet ik dat dit ijdele hoop is. Het verleden heeft al verschillende voorbeelden opgeroepen, waarbij het meest recente voorbeeld Madonna's mystisch gehannes met de Kabbala een van de meest treffende is. Vroeger was de Kabbala een levensweg voor ingewijden, kennis waar werkelijk niemand bij kon komen en niemand iets van af wist behalve als je werkelijk geïnteresseerd was. Maar toen kwam Madonna met haar interesseboog en schoot een gat in de werkelijkheid van de Kabbala. Nu is het niet meer dan een interessante houding die jezelf kan aanmeten. Een verzameling feiten opgedoekt uit new-age achtige wetenswaardigheden en vervormt tot een schijnwerkelijkheid van de ware Kabbala. Maar zelfs een schijnwerkelijkheid kan de daadwerkelijke kennis verdringen. Als deze onzin zich verder blijft ontwikkelen zal er van de Kabbala niet meer dan een schim overblijven. Zoals de werkelijke achtergrond van het bezoedelde symbool ook langzaam aan het verdwijnen is in onzin en volledig gebrek aan werkelijke kennis.
En nu niet gaan denken dat dit niet kan gebeuren. Het werkelijke christendom heeft hetzelfde lot ondergaan. Waar de oorsprong gebaseerd is op een gnostische zoektocht naar de waarheid achter het begrip God is het verworden tot een star geloof in vastgelegde regels. De zoektocht naar God is geheel opgegeven om plaats te maken in een blind geloof in de voorgangers en de woorden die zij uitspreken. Woorden die gebaseerd zijn op dezelfde leugens die hun voorvaderen al spraken om de gelovigen onder hun macht te krijgen, maar dat terzijde. De werkelijke ziel van het christendom verdween omdat men de betekenissen vergat. Men wist niet meer wat het werkelijk doel was en waarom symbolen die betekenis hadden. Zelfs het alom bekende symbool van het kruis heeft zijn werkelijk glans verloren doordat het verkeerd geïnterpreteerd wordt, maar we kunnen niet meer terug. Er is geen weg meer terug. Voor het christendom is het al té lang geleden om nog terug te kunnen. We zijn al te veel vergeten.
Dat lot mag het symbool en de betekenissen erachter niet ondergaan. Bij deze betuig ik mijn spijt voor het vele dwepen dat ik er zelf mee deed. Nu iedereen er mee loopt te dwepen zie ik pas in wat ik fout doe, al moest ik natuurlijk wel eerst erop gewezen worden. Maar gelukkig ben ik er op tijd achter gekomen en niet wanneer het al te laat is. Het is nu zaak om ondergronds te gaan, het symbool verbergen in symbolen. Zoals de vrijmetselaars hun kennis en symbolen verdrinken in vage aan- en verwijzingen. Alleen iemand die werkelijk geïnteresseerd is zal het rookgordijn doorzien om kennis te nemen van wat er achter ligt. Ik begrijp nu ook waarom ze het gedaan hebben. Sommige zaken zijn niet voor iedereen, soms is er kennis die niet geschikt is voor de schapen van mensen. Alleen iemand die er daadwerkelijk naar op zoek is hoort te weten wat er allemaal bestaat en leeft. Ik ben blij dat ik deze kennis op tijd ingezien heb. Nu kan ik nog pogingen gaan ondernemen om het symbool en haar werkelijke betekenis te beschermen door te verbergen. Dit is dan ook het laatste wat ik erover zeg.
11 juni 2009
Praten over de dood
De laatste tijd denk ik veel na over de dood. Niet dat ik er opeens een doodwens op aan het nahouden ben of ergens niet al te ver in de toekomst hoop op een einde aan mijn leven. In tegendeel juist, ik heb nog veel te veel te doen om het tijdelijke met het nogal langdurige te verruilen dus is doodgaan wel het laatste wat ik zou doen. En dat meen ik ook. Daarbij zijn er mensen in mijn directe omgeving die ik heel veel, met de nadruk op heel veel, verdriet doe als ik er opeens niet meer zou zijn. Ik kan gewoon voorlopig niet doodgaan en dat ga ik niet doen ook. Ik ben het niet eens van plan.
Maar toch denk ik na over de dood. Eigenlijk een soort van noodgedwongen door alles waar ik naar kijk en waar ik stom genoeg tegenaan loop. Als ik de televisie aanzet kom ik vanzelf langs een programma over doodgaan of is er een gedeelte gewijd aan het mysterie van de dood. Het is net alsof het universum wil dat ik ga nadenken over de dood en er meer mee bezig te zijn. Ik kan er wel tegen vechten en net doen alsof het er niet is, maar dat is wat iedereen doet. Zowat iedereen die ik ken en niet ken is angstvallig bezig het uiteindelijke lot te ontkennen en hard bezig met te leven op de manier die hen geschikt lijkt. Ik ben absoluut geen uitzondering. Het leven is veel te mooi om lang na te denken over doodgaan en het onvermijdelijke einde aan het leven zelf. Maar dat neemt niet weg dat alles en iedereen uiteindelijk doodgaat. Ergens is het dan toch beter er op voorbereid te zijn, zover dat überhaupt mogelijk is met zoiets als de dood.
Laat ik als eerste voorop stellen dat ik absoluut niet bang ben om dood te gaan. Daarvoor heb ik té veel ervaringen meegemaakt die handelen in de mysteriën van de dood om ergens bang voor te zijn. Zo heb ik nog niet heel lang geleden een vrij verontrustende ervaring gehad waar ik verder niet over wil uitwijden, maar wel mij de ogen geopend heeft naar het hele doodgaan-gebeuren. Overigens bedoel ik met "vrij verontrustend" niet dat ik er ondersteboven van geraakt ben, maar dat anderen het waarschijnlijk als een ware nachtmerrie-achtige ervaring zouden beschouwen. Net als de allerlaatste keer dat ik geesten opgeroepen heb, die kan je ook beschouwen als zeer verontrustend terwijl ik het inmiddels als een zeer leerzame ervaring zie. Een ervaring die ik nooit meer zou willen herhalen en ook niet zal doen, maar ik ben blij dat ik het gedaan heb. Zo zie ik de gebeurtenis van pasgeleden ook, eentje die op het moment zelf zeer angstig is maar erop terugkijkend juist heel leerzaam was. Iets wat het universum blijkbaar ook vind aangezien ik sindsdien alleen maar onderwerpen over de dood zie, lees en ondervind.
Zelfs in Buffy, de serie die ik momenteel aan het volgen ben (sue me for it) is net haar moeder doodgegaan. In een ontzettend beklemmende aflevering wordt de nasleep die het verscheiden een geliefde veroorzaakt uit de doeken gedaan. Een werkelijk prachtige aflevering, maar een verhaal over Buffy schrijf ik een andere keer nog wel. Ik wil het nu alleen over de mysteriën van de dood hebben. Vandaag kwam ik weer iets tegen dat mijn gedachten naar de dood brachten. Er is een soort van tarot op de markt gebracht waarmee je zogezegd met de doden kan communiceren. Ze heten Konxari kaarten en bestaan uit een set van achtentachtig kaarten met prachtige foto's erop. Naast de foto's staan er nog wat symbolen op, maar aangezien ik ze nog nooit in het echt gezien heb kan ik er weinig interessants over zeggen. Toch ben ik nieuwsgierig naar deze kaarten. Niet omdat ik geloof dat je er daadwerkelijk met de doden mee kan praten, maar omdat ik een interesse in deze zaken heb. Tenslotte verzamel ik ook tarot-kaarten, maar dan alleen degene die ik werkelijk mooi vind. Dat ik ook wel eens de kaarten leg is dan weer een bijzaak, dat zou ik ook met de konxari kaarten doen als ik ze heb.
Alleen vind ik de laatste toch een beetje vreemd. Ze beweren dat het spel afgekeken is van de oude Egyptenaren, dat de kennis achter de kaarten rechtstreeks uit het oude Egypte komt. Alleen is er niets over te vinden, alleen wat berichten op dubieuze fora waar mensen hetzelfde zeggen als ik. Nergens zijn interessante verhalen te vinden over de kaarten en het gebruik ervan. Iets wat mij niet echt sterkt in mijn mening over de kaarten zelf. Misschien moet ik ze maar gewoon kopen en zelf gaan uitproberen. Tenslotte zijn ze absoluut niet duur als je op de website zelf besteld, maar dat vind ik ook weer zo wat. Het doet in ieder geval flink afbreuk aan mijn verhaal over de dood, doodgaan en alles wat er maar omheen hangt. Ik weet in ieder geval dat ik eens flink moet gaan nadenken over het onvermijdelijke en eens ga praten met de mensen die belangrijk in mijn leven zijn. Het lijkt mij goed om te weten wat anderen willen als ze het leven verlaten hebben, maar dat is iets waar we maar nooit over willen praten. Daarom vraag ik het aan jou. Wat zou jij willen als je uiteindelijk het tijdelijke voor het eeuwige (of heel langdurige aangezien eeuwig ook zo lang is) verruild hebt? Denk eens na over je eigen sterfelijkheid voordat je weer lustig verder gaat met leven. En die kaarten... die koop ik uiteindelijk toch wel een keer. Dat komt vooral omdat ik ze mooi vind, nergens anders om.
Maar toch denk ik na over de dood. Eigenlijk een soort van noodgedwongen door alles waar ik naar kijk en waar ik stom genoeg tegenaan loop. Als ik de televisie aanzet kom ik vanzelf langs een programma over doodgaan of is er een gedeelte gewijd aan het mysterie van de dood. Het is net alsof het universum wil dat ik ga nadenken over de dood en er meer mee bezig te zijn. Ik kan er wel tegen vechten en net doen alsof het er niet is, maar dat is wat iedereen doet. Zowat iedereen die ik ken en niet ken is angstvallig bezig het uiteindelijke lot te ontkennen en hard bezig met te leven op de manier die hen geschikt lijkt. Ik ben absoluut geen uitzondering. Het leven is veel te mooi om lang na te denken over doodgaan en het onvermijdelijke einde aan het leven zelf. Maar dat neemt niet weg dat alles en iedereen uiteindelijk doodgaat. Ergens is het dan toch beter er op voorbereid te zijn, zover dat überhaupt mogelijk is met zoiets als de dood.
Laat ik als eerste voorop stellen dat ik absoluut niet bang ben om dood te gaan. Daarvoor heb ik té veel ervaringen meegemaakt die handelen in de mysteriën van de dood om ergens bang voor te zijn. Zo heb ik nog niet heel lang geleden een vrij verontrustende ervaring gehad waar ik verder niet over wil uitwijden, maar wel mij de ogen geopend heeft naar het hele doodgaan-gebeuren. Overigens bedoel ik met "vrij verontrustend" niet dat ik er ondersteboven van geraakt ben, maar dat anderen het waarschijnlijk als een ware nachtmerrie-achtige ervaring zouden beschouwen. Net als de allerlaatste keer dat ik geesten opgeroepen heb, die kan je ook beschouwen als zeer verontrustend terwijl ik het inmiddels als een zeer leerzame ervaring zie. Een ervaring die ik nooit meer zou willen herhalen en ook niet zal doen, maar ik ben blij dat ik het gedaan heb. Zo zie ik de gebeurtenis van pasgeleden ook, eentje die op het moment zelf zeer angstig is maar erop terugkijkend juist heel leerzaam was. Iets wat het universum blijkbaar ook vind aangezien ik sindsdien alleen maar onderwerpen over de dood zie, lees en ondervind.
Zelfs in Buffy, de serie die ik momenteel aan het volgen ben (sue me for it) is net haar moeder doodgegaan. In een ontzettend beklemmende aflevering wordt de nasleep die het verscheiden een geliefde veroorzaakt uit de doeken gedaan. Een werkelijk prachtige aflevering, maar een verhaal over Buffy schrijf ik een andere keer nog wel. Ik wil het nu alleen over de mysteriën van de dood hebben. Vandaag kwam ik weer iets tegen dat mijn gedachten naar de dood brachten. Er is een soort van tarot op de markt gebracht waarmee je zogezegd met de doden kan communiceren. Ze heten Konxari kaarten en bestaan uit een set van achtentachtig kaarten met prachtige foto's erop. Naast de foto's staan er nog wat symbolen op, maar aangezien ik ze nog nooit in het echt gezien heb kan ik er weinig interessants over zeggen. Toch ben ik nieuwsgierig naar deze kaarten. Niet omdat ik geloof dat je er daadwerkelijk met de doden mee kan praten, maar omdat ik een interesse in deze zaken heb. Tenslotte verzamel ik ook tarot-kaarten, maar dan alleen degene die ik werkelijk mooi vind. Dat ik ook wel eens de kaarten leg is dan weer een bijzaak, dat zou ik ook met de konxari kaarten doen als ik ze heb.
Alleen vind ik de laatste toch een beetje vreemd. Ze beweren dat het spel afgekeken is van de oude Egyptenaren, dat de kennis achter de kaarten rechtstreeks uit het oude Egypte komt. Alleen is er niets over te vinden, alleen wat berichten op dubieuze fora waar mensen hetzelfde zeggen als ik. Nergens zijn interessante verhalen te vinden over de kaarten en het gebruik ervan. Iets wat mij niet echt sterkt in mijn mening over de kaarten zelf. Misschien moet ik ze maar gewoon kopen en zelf gaan uitproberen. Tenslotte zijn ze absoluut niet duur als je op de website zelf besteld, maar dat vind ik ook weer zo wat. Het doet in ieder geval flink afbreuk aan mijn verhaal over de dood, doodgaan en alles wat er maar omheen hangt. Ik weet in ieder geval dat ik eens flink moet gaan nadenken over het onvermijdelijke en eens ga praten met de mensen die belangrijk in mijn leven zijn. Het lijkt mij goed om te weten wat anderen willen als ze het leven verlaten hebben, maar dat is iets waar we maar nooit over willen praten. Daarom vraag ik het aan jou. Wat zou jij willen als je uiteindelijk het tijdelijke voor het eeuwige (of heel langdurige aangezien eeuwig ook zo lang is) verruild hebt? Denk eens na over je eigen sterfelijkheid voordat je weer lustig verder gaat met leven. En die kaarten... die koop ik uiteindelijk toch wel een keer. Dat komt vooral omdat ik ze mooi vind, nergens anders om.
5 juni 2009
Geen televisie, geen internet
Al enkele weken heb ik een soort van ruzie met mijn internet- en televisieprovider. Eigenlijk is het op de kop af precies twee maanden geleden dat ze begonnen met het versturen van nogal verontrustende en totaal niet op waarheid gebaseerde brieven. Brieven die niet eens van henzelf kwamen, maar verstuurd werden door een externe organisatie. Zelfs eentje die zich een deurwaarder durft te noemen. Waar deze bedrijven het lef vandaan haalde durfde ik niet te zeggen, niet dat ik bang voor een of de ander was maar omdat ik het werkelijk niet wist.
In ieder geval kreeg ik maanden geleden opeens de beschuldiging dat ik maanden geleden mijn rekeningen niet betaald zou hebben. Hier was ik het hartgrondig niet mee eens, rekening niet betalen is niet één van mijn sterkste punten. Al wil ik best toegeven dat ik in het verleden veelvuldig niet een van de snelste was als het op betalen van rekeningen aankwam, maar betalen deed ik altijd. Zo wist ik ook heel zeker dat deze rekeningen ook betaald waren. Mijn internet- en televisieprovider moest gewoon niet zeuren. Iets wat ik ze maanden geleden ook al had verteld, maar daar kreeg ik totaal geen reactie op. Zelfs geen zuchtje tegenspraak kwam mijn kant op en stom genoeg had ik het daarbij gelaten. Tot opeens de brief van die deurwaarder op de deurmat lag.
Ik denk dat ik niet hoef te vertellen dat het een flinke schok was wat ik daarin las. Rekeningen die niet betaald waren, vorderingen die opeens bij een deurwaarder op het bureau lagen en het ergste van alles was dat de rekening van de maand waarin we leefden ook gevorderd werd. Alle betalingen die ik schijnbaar moest doen waren gewoon doorgeschoven naar de incasso-partij en opeens moest ik gaan bellen met mensen die ik helemaal niet wil bellen. Maar voordat ik die stap deed heb ik heel even het internet bezocht. Ik was nieuwsgierig of het wel een daadwerkelijke deurwaarder was en niet een of andere vage oplichters-list om mij geld af te troggelen. Al snel leerde ik dat deze organisatie daadwerkelijk stond wat ze al in de brief schreven, maar dat veel meer mensen geheel ten onrechte zo'n brief hadden ontvangen. Ik stond niet alleen in het onrecht dat de administratieve chaos van mijn internet- en televisieprovider was. Dit sterkte mij weer in mijn volgende stap: het daadwerkelijke bellen!
Met een soort lood in mijn schoenen nam ik de telefoon ter hand en belde de mensen die ik nooit in mijn leven wil bellen, maar nu toe gedwongen werd. Het gesprek verliep geheel tegen mijn verwachting in heel vlot. Ik legde de situatie uit en werd verwezen naar een internet-site waar ik al mijn grieven en bewijzen kon achterlaten. Zij zouden dan met deze teksten en bewijzen gaan aantonen dat ik gelijk, dan wel ongelijk zou hebben. En aangezien ik duidelijk in het gelijk stond zou het weinig problemen gaan opleveren om de ontstane achterstanden als sneeuw voor de zon te laten verdwijnen. Ze zouden weer verdwijnen naar dezelfde diep-duistere kelder waar ze geheel tegen hun zin uitgetrokken waren. Zonder pardon liet ik mijn bewijzen met enkele bemoedigende woorden achter op de website en liet het erbij. Eigenlijk had ik verwacht binnen enkele dagen een bericht te krijgen dat alles opgelost was, maar die bleef ook weg. Wederom liet ik het stom genoeg op het beloop, vooral omdat ik totaal geen zin had om die mensen weer te moeten gaan bellen. Eén keer vond ik meer dan erg genoeg, zeker als het ten onrechte en dus gedwongen is.
Maar had ik het maar wel gedaan. Afgelopen dinsdag kwam ik weer eens thuis om te wachten op zaken die gedaan diende te worden. Het kan ook een andere reden zijn, maar helaas genoeg kan ik die mij niet meer herinneren. In ieder geval kwam ik thuis in een leeg en volledig stil huis. Ik zette mijn computer aan om mijn meel te bekijken en kwam tot de gruwelijke conclusie dat mijn internet nogal traag was. Zo traag dat ik net zo goed kon zeggen dat het niet werkte. Ik vloekte en vervloekte zelfs het programma waarmee ik het internet besurf. Vooral het feit dat ik mijn meel wel kon benaderen, maar de kleine hoeveelheid meeltjes niet kon bekijken frustreerde mij gigantisch. Toch dacht ik nog niet aan een probleem bij mijn internet- en televisieprovider. Dat inzicht kwam pas toen ik de televisie aanslingerde en tot de schokkende ontdekking kwam dat ik nog maar één zender kon bekijken. Nederland 1 om precies te zijn, toevallig ook nog een zender waar ik heel zelden naar kijk en dan alleen in de vroege ochtend. Ik kon wel huilen, maar aangezien het alleen om niet-werkend internet en televisie ging deed ik het niet.
Ik pakte mijn telefoon en belde onmiddellijk naar mijn internet- en televisieprovider om een storing te melden. Tenslotte had de stroom van mijn modem halen totaal niet het gewenste effect gehad en kon ik geen andere slimme oplossingen meer bedenken. Een vriendelijke jongen stond mij te woord en opeens sprak hij nogal bevreesde woorden: "Ik mag u niet verder helpen, meneer. Het ziet er naar uit dat u afgesloten ben vanwege achterstallige betalingen." De schrik sloeg om mijn hart. Weken hoor je niets van die lui, betaal je netjes de rekeningen (soms een dag of wat te laat, maar betaald waren ze) en dan krijg je dit te horen. Ik werd doorverbonden naar de administratie voor opheldering.
Dit keer kreeg ik een jongedame te spreken. Vriendelijk zal ik haar niet noemen aangezien het gesprek een hele bizarre wending aannam na een tijdje. Ze begon heel vriendelijk en behulpzaam. Al heel snel had ze de zogenaamde achterstallige betalingen erbij gezocht en kon ik wederom beginnen met mijn uitleg dat ze allang betaald waren. Ik had zelfs de bewijzen naar hun deurwaarder gezonden! Nu bleek dat zij die informatie ook kon inzien en ik dacht het snel opgelost te hebben, maar opeens kwam de administratieve chaos van mijn internet- en televisieprovider lelijk om de hoek kijken. De bewijzen waren volgens hen helemaal geen bewijzen, want die betalingen waren weer verrekend met andere achterstallige betalingen en bleven ze gewoon open staan. Wel sprak de dame aan de andere kant van de lijn de inmiddels legendarisch geworden woorden: "Goh, u heeft wel een heel vreemd betaal-patroon. De meeste mensen met achterstanden hebben gewoon een gat van een maand of wat. Bij u vertoond het overal gaten!" Ik dacht nog dat ze het eindelijk doorhad, dat ik niet het probleem was maar de hele administratie aldaar maar helaas... Ik maakte mij blij met een dode mus, zelfs het uitspreken van mijn gedachte bracht de dame niet van haar stuk.
Ik moest gewoon betalen, want eerder zou ik niet her-aangesloten worden. Op mijn vraag of haar werkgever altijd iedereen zonder een waarschuwing vooraf afsloot antwoordde ze in eerst instantie nog een volmondig "nee" en kreeg ik zelfs een excuus, maar dat trok ze later weer in. Ik moest gewoon betalen en verder niet zeuren. Als ik weer televisie wilde kijken en over het internet surfen kon ik gewoon niet anders en het volle bedrag was het enige juiste bedrag. Ik wist niet wat ik hoorde en als ik niet net een training in gesprekstechnieken had gekregen was ik geen discussie met deze dame aangegaan. Maar ze had pech, heel erg pech. Ik had er de pest in en weet helaas genoeg voor haar veel te veel over het voren van een telefoongesprek in een werkende situatie. Een half uur later liet ik haar maar los. Ik had wel de indruk dat ik haar gigantisch op de kast gekregen had en ze het gesprek nog lang zou heugen, maar dat kan ik ook verzonnen hebben. In ieder geval was ik een hoop frustratie opgeroepen door haar werkgever kwijt en kon ik weer verder. Gedwongen de zogenaamde achterstallige betaling voldoen bijvoorbeeld, waarvoor ik gelukkig de computer van mijn moeder voor mocht gebruiken. Internetbankieren is namelijk heel handig, maar alleen als je internet ook daadwerkelijk werkt.
En toen begon het afwachten. Wachten tot ik weer internet en televisie had, waarbij gisteren het grote dieptepunt was. Gisteren had ik opeens helemaal niets meer toen ik thuiskwam. Zelfs de ene zender die ik nog wel had bleek te zijn verdwenen. Internet deed het zelfs langzaam niet meer en mijn huis was opeen stiller dan ooit. Verlaten wil ik het niet noemen, maar stil was het wel. Gelukkig ben ik net bezig om de hele serie van Buffy the Vampire Slayer te kijken dus heel erg was geen televisie en internet ook weer niet. Nu kon ik tenminste lekker opschieten en tot diep in seizoen vijf doordringen. Het leven was al goed en daar kan zelfs bovenstaande onzin niets aan veranderen.
In ieder geval kreeg ik maanden geleden opeens de beschuldiging dat ik maanden geleden mijn rekeningen niet betaald zou hebben. Hier was ik het hartgrondig niet mee eens, rekening niet betalen is niet één van mijn sterkste punten. Al wil ik best toegeven dat ik in het verleden veelvuldig niet een van de snelste was als het op betalen van rekeningen aankwam, maar betalen deed ik altijd. Zo wist ik ook heel zeker dat deze rekeningen ook betaald waren. Mijn internet- en televisieprovider moest gewoon niet zeuren. Iets wat ik ze maanden geleden ook al had verteld, maar daar kreeg ik totaal geen reactie op. Zelfs geen zuchtje tegenspraak kwam mijn kant op en stom genoeg had ik het daarbij gelaten. Tot opeens de brief van die deurwaarder op de deurmat lag.
Ik denk dat ik niet hoef te vertellen dat het een flinke schok was wat ik daarin las. Rekeningen die niet betaald waren, vorderingen die opeens bij een deurwaarder op het bureau lagen en het ergste van alles was dat de rekening van de maand waarin we leefden ook gevorderd werd. Alle betalingen die ik schijnbaar moest doen waren gewoon doorgeschoven naar de incasso-partij en opeens moest ik gaan bellen met mensen die ik helemaal niet wil bellen. Maar voordat ik die stap deed heb ik heel even het internet bezocht. Ik was nieuwsgierig of het wel een daadwerkelijke deurwaarder was en niet een of andere vage oplichters-list om mij geld af te troggelen. Al snel leerde ik dat deze organisatie daadwerkelijk stond wat ze al in de brief schreven, maar dat veel meer mensen geheel ten onrechte zo'n brief hadden ontvangen. Ik stond niet alleen in het onrecht dat de administratieve chaos van mijn internet- en televisieprovider was. Dit sterkte mij weer in mijn volgende stap: het daadwerkelijke bellen!
Met een soort lood in mijn schoenen nam ik de telefoon ter hand en belde de mensen die ik nooit in mijn leven wil bellen, maar nu toe gedwongen werd. Het gesprek verliep geheel tegen mijn verwachting in heel vlot. Ik legde de situatie uit en werd verwezen naar een internet-site waar ik al mijn grieven en bewijzen kon achterlaten. Zij zouden dan met deze teksten en bewijzen gaan aantonen dat ik gelijk, dan wel ongelijk zou hebben. En aangezien ik duidelijk in het gelijk stond zou het weinig problemen gaan opleveren om de ontstane achterstanden als sneeuw voor de zon te laten verdwijnen. Ze zouden weer verdwijnen naar dezelfde diep-duistere kelder waar ze geheel tegen hun zin uitgetrokken waren. Zonder pardon liet ik mijn bewijzen met enkele bemoedigende woorden achter op de website en liet het erbij. Eigenlijk had ik verwacht binnen enkele dagen een bericht te krijgen dat alles opgelost was, maar die bleef ook weg. Wederom liet ik het stom genoeg op het beloop, vooral omdat ik totaal geen zin had om die mensen weer te moeten gaan bellen. Eén keer vond ik meer dan erg genoeg, zeker als het ten onrechte en dus gedwongen is.
Maar had ik het maar wel gedaan. Afgelopen dinsdag kwam ik weer eens thuis om te wachten op zaken die gedaan diende te worden. Het kan ook een andere reden zijn, maar helaas genoeg kan ik die mij niet meer herinneren. In ieder geval kwam ik thuis in een leeg en volledig stil huis. Ik zette mijn computer aan om mijn meel te bekijken en kwam tot de gruwelijke conclusie dat mijn internet nogal traag was. Zo traag dat ik net zo goed kon zeggen dat het niet werkte. Ik vloekte en vervloekte zelfs het programma waarmee ik het internet besurf. Vooral het feit dat ik mijn meel wel kon benaderen, maar de kleine hoeveelheid meeltjes niet kon bekijken frustreerde mij gigantisch. Toch dacht ik nog niet aan een probleem bij mijn internet- en televisieprovider. Dat inzicht kwam pas toen ik de televisie aanslingerde en tot de schokkende ontdekking kwam dat ik nog maar één zender kon bekijken. Nederland 1 om precies te zijn, toevallig ook nog een zender waar ik heel zelden naar kijk en dan alleen in de vroege ochtend. Ik kon wel huilen, maar aangezien het alleen om niet-werkend internet en televisie ging deed ik het niet.
Ik pakte mijn telefoon en belde onmiddellijk naar mijn internet- en televisieprovider om een storing te melden. Tenslotte had de stroom van mijn modem halen totaal niet het gewenste effect gehad en kon ik geen andere slimme oplossingen meer bedenken. Een vriendelijke jongen stond mij te woord en opeens sprak hij nogal bevreesde woorden: "Ik mag u niet verder helpen, meneer. Het ziet er naar uit dat u afgesloten ben vanwege achterstallige betalingen." De schrik sloeg om mijn hart. Weken hoor je niets van die lui, betaal je netjes de rekeningen (soms een dag of wat te laat, maar betaald waren ze) en dan krijg je dit te horen. Ik werd doorverbonden naar de administratie voor opheldering.
Dit keer kreeg ik een jongedame te spreken. Vriendelijk zal ik haar niet noemen aangezien het gesprek een hele bizarre wending aannam na een tijdje. Ze begon heel vriendelijk en behulpzaam. Al heel snel had ze de zogenaamde achterstallige betalingen erbij gezocht en kon ik wederom beginnen met mijn uitleg dat ze allang betaald waren. Ik had zelfs de bewijzen naar hun deurwaarder gezonden! Nu bleek dat zij die informatie ook kon inzien en ik dacht het snel opgelost te hebben, maar opeens kwam de administratieve chaos van mijn internet- en televisieprovider lelijk om de hoek kijken. De bewijzen waren volgens hen helemaal geen bewijzen, want die betalingen waren weer verrekend met andere achterstallige betalingen en bleven ze gewoon open staan. Wel sprak de dame aan de andere kant van de lijn de inmiddels legendarisch geworden woorden: "Goh, u heeft wel een heel vreemd betaal-patroon. De meeste mensen met achterstanden hebben gewoon een gat van een maand of wat. Bij u vertoond het overal gaten!" Ik dacht nog dat ze het eindelijk doorhad, dat ik niet het probleem was maar de hele administratie aldaar maar helaas... Ik maakte mij blij met een dode mus, zelfs het uitspreken van mijn gedachte bracht de dame niet van haar stuk.
Ik moest gewoon betalen, want eerder zou ik niet her-aangesloten worden. Op mijn vraag of haar werkgever altijd iedereen zonder een waarschuwing vooraf afsloot antwoordde ze in eerst instantie nog een volmondig "nee" en kreeg ik zelfs een excuus, maar dat trok ze later weer in. Ik moest gewoon betalen en verder niet zeuren. Als ik weer televisie wilde kijken en over het internet surfen kon ik gewoon niet anders en het volle bedrag was het enige juiste bedrag. Ik wist niet wat ik hoorde en als ik niet net een training in gesprekstechnieken had gekregen was ik geen discussie met deze dame aangegaan. Maar ze had pech, heel erg pech. Ik had er de pest in en weet helaas genoeg voor haar veel te veel over het voren van een telefoongesprek in een werkende situatie. Een half uur later liet ik haar maar los. Ik had wel de indruk dat ik haar gigantisch op de kast gekregen had en ze het gesprek nog lang zou heugen, maar dat kan ik ook verzonnen hebben. In ieder geval was ik een hoop frustratie opgeroepen door haar werkgever kwijt en kon ik weer verder. Gedwongen de zogenaamde achterstallige betaling voldoen bijvoorbeeld, waarvoor ik gelukkig de computer van mijn moeder voor mocht gebruiken. Internetbankieren is namelijk heel handig, maar alleen als je internet ook daadwerkelijk werkt.
En toen begon het afwachten. Wachten tot ik weer internet en televisie had, waarbij gisteren het grote dieptepunt was. Gisteren had ik opeens helemaal niets meer toen ik thuiskwam. Zelfs de ene zender die ik nog wel had bleek te zijn verdwenen. Internet deed het zelfs langzaam niet meer en mijn huis was opeen stiller dan ooit. Verlaten wil ik het niet noemen, maar stil was het wel. Gelukkig ben ik net bezig om de hele serie van Buffy the Vampire Slayer te kijken dus heel erg was geen televisie en internet ook weer niet. Nu kon ik tenminste lekker opschieten en tot diep in seizoen vijf doordringen. Het leven was al goed en daar kan zelfs bovenstaande onzin niets aan veranderen.
Abonneren op:
Posts (Atom)